Bij het kerstverhaal (Lucas 2)

By 25 december 2018Na de viering

Een charmerend verhaal van zo’n kleine 2000 jaar oud. Lucas schreef het rond het jaar 80. Het vertelt ons hoe de wereld er rond de geboorte van Jezus uitzag, met Augustus als goddelijke keizer van het Romeinse rijk en Quirinius als plaatselijke bewindvoerder. We horen dit verhaal elk jaar opnieuw. Maar toch, het klinkt telkens anders want de wereld verandert. Wij veranderen.

Wij leven vandaag. Nieuws en ideeën worden niet meer verspreid via herauten met trompetgeschal. Boeken en kranten doen hun werk, maar het internet werkt veel sneller. We krijgen massa’s informatie, maar is die juist? Is het de bedoeling dat die juist is? Hoe gekleurd is ze, hoe wordt ze gemanipuleerd? Waarheid of leugen, goed of kwaad, hoofdzaak of bijzaak, het lijkt van minder belang te zijn.  Het zijn verwarrende tijden, vind ik.

Met daarbij ook nog de klimaatverandering, volgens sommigen levensbedreigend, anderen vinden dat de eigen economie in het eigen land het belangrijkste is. De migratie van de afgelopen tijd bespeelt met succes de onderbuik en voedt de aangeboren angst voor alles wat anders is of nieuw. En angst verkoopt handig. Veel mensen zijn onderweg, op de vlucht voor geweld, honger, onderdrukking. Kunnen wij het ons nog inbeelden? Terwijl toch niet zo lang geleden onze ouders, grootouders dit zelf meemaakten?

Het wereldbeeld raakt gepolariseerd. Twee bewegingen staan tegenover mekaar, met aan de ene kant mensen die willen verdelen tussen wij en zij, hoog en laag, hier geboren of geïmmigreerd, en aan de andere kant mensen die willen verbinden, die een inclusieve samenleving willen met een plaats voor iedereen.

In deze tijd in deze wereld lezen wij Lucas. Over twee jonge mensen uit Nazareth. Jozef uit de familie van David, afkomstig uit Bethlehem, en Maria, een gewone, onbekende jonge vrouw. Op het punt om te bevallen. Elk moment is goed onderweg en niemand die hen verwacht of verwelkomt. Er is geen plaats in het nachtverblijf van de stad. Vol.

En toch, hun eerste kindje wordt geboren, in een doek gewikkeld, in een voederbak gelegd en er komt meteen bezoek. Gewoon van herders met hun schapen uit de velden in de buurt. Die uit eerste hand het nieuws horen van een ‘engel van de Heer’, boodschapper van God, goed nieuws in stralend licht: dit kindje in de voederbak is de redder, de messias, gezalfde van God betekent dat, de held van God, zeg maar, de hoop op een nieuwe wereld.

Met op de achtergrond de grote geschiedenis van de Romeinse bezetting, met verdrukking en moedeloosheid alom, gebeurt er plots iets hoopgevends. Een kind is geboren bij een koppel dat meewil in de traditie van bv. Jesaja, de traditie van hoop en verlangen, van vertrouwen dat er een andere weg mogelijk is en dat het kind een vredevorst zal zijn.

Lucas schreef dit geboorteverhaal in verwarrende tijden, niet minder verwarrend dan de onze vandaag, als straffe aanzet van zijn evangelie. Toen zijn leerlingen begrepen dat Jezus in alles deed denken aan God, hun God, Jahweh, ik zal er zijn voor u. Hoe Jezus wilde – samengevat – dat er brood en gerechtigheid, verbondenheid en vriendschap zou zijn voor iedereen. Alsof God mens geworden was.

En Maria bewaarde al deze woorden in haar hart en bleef erover nadenken.
Laten we dat ook doen: er blijven over nadenken, vragen stellen, alleen en in groepen, zoals hier. Blijven nadenken, over de betekenis van deze verhalen en wat wij zien en horen vandaag. Met als kernvraag: wie wordt er beter van, wie heeft er voordeel bij, voor wie is het nadeel, wie is de dupe? En: hoe zetten we samen stappen vooruit?

Laten we het visioen van Jesaja hooghouden, laten we het goede nieuws, evangelie, koesteren, en blijven doen en zeggen wat we nu al kunnen doen en zeggen. Daar ben je nooit te klein of te groot, te jong of te oud voor.

De warmste week haalt veel empathie en goede wil naar boven. Dat is hartverwarmend, het geeft een goed gevoel met zijn allen goed te zijn voor mensen met tegenslag. Maar laat de solidariteit breed genoeg zijn, niet alleen met de mensen die we kennen, maar ook met de mensen die wij niet kennen, die we niet sympathiek vinden, die we niet moeten hebben. Laat die solidariteit het hele jaar door sterk staan, met structuren zoals sociale zekerheid en overheidssteun, zodat niemand te kort heeft. Dat is een goed begin om ervoor  te zorgen dat geen mens ongewenst is, dat eenzaamheid heelt, pijn niet vergeten wordt, verdriet een plaats vindt en angst bedaart. Zodat er ook vuur is buiten de warmste week.

God gebeurt waar mensen weggaan uit wat té vanzelfsprekend is: het recht van de sterkste en het ieder-voor-zich. Waar ze hun diepste zorg voor mekaar tonen zoals vaders en moeders in hun beste momenten. Dat proces heet menswording. Daar ging het over bij Lucas, daar gaat het over vandaag.

Greet Denayer